Vrijdag 17 juli belde advocaat-generaal Tdlohreg naar mijn advocaat Oscar Pluimer. De advocaat-generaal deelde mijn advocaat mede dat de Cassatiedesk van het OM de arresten van het hof heeft bestudeerd waarin het OM niet-ontvankelijk is verklaard. De Cassatiedesk ziet volgens de A-G kansen voor het OM in de zaak Terrel en stelt een cassatieschriftuur op die naar de Hoge Raad zal worden gezonden.

Cassatiedesk
De Cassatiedesk, die sinds 2008 is gevestigd bij het Ressortsparket in Den Haag, beoordeelt alle door het OM ingestelde cassaties. Er werken vier advocaten-generaal, een secretaris en een administratief medewerker. Slechts in een zeer klein aantal zaken die jaarlijks door het OM worden behandeld wordt besloten om cassatieberoep in te stellen, is te lezen op de website van het OM. Het gaat dan om zaken waarin het nodig is om duidelijkheid te krijgen over een juridisch punt. De Hoge Raad toetst immers alleen of rechters/raadsheren het recht en de procesregels goed hebben uitgelegd en toegepast. Daarnaast kijkt het hoogste rechtscollege van ons land of een arrest voldoende is onderbouwd.
Follow the Money
In ‘OM is ‘slechte verliezer’ in zaak Heineken-losgeld’ van Follow the Money over de uitspraak van het hof van 1 mei 2026 stelt de Nijmeegse universitair docent strafrecht Jelle Cnossen dat het hof daarin al rekening heeft gehouden met de visie van de Hoge Raad. ‘
De raadsheren (rechters bij het hof, red.) refereren nadrukkelijk aan de jurisprudentie van de Hoge Raad, dus aan hoe die eerder heeft geoordeeld.’
Kennelijk is de kans op succes klein, maar niet nihil. Dan wordt cassatie meer een gok: als de Hoge Raad de arresten vernietigt, wordt de zaak terugverwezen naar een ander hof dat opnieuw inhoudelijk naar de zaak gaat kijken; blijft de uitspraak daarentegen in stand, dan kan het OM altijd zeggen dat het alles heeft geprobeerd. Het almaar doorprocederen krijgt daarmee het karakter van een kansspel.
‘Het onderste uit de kan halen’
Cnossen vermoedt dat het OM met de cassatie het ‘onderste uit de kan’ wil halen.
‘Ik denk dat ze best weten dat ze, mede door het arrest van het hof, op het randje zitten en dat ze hebben ingecalculeerd dat ze bij de Hoge Raad geen gelijk gaan krijgen, maar dat dit een manier is om te zeggen: wij hebben in elk geval ons uiterste best gedaan om deze zaak toch tot een goed einde te brengen.’
Die opmerking van Cnossen intrigeert. Tegen wie moet het OM kunnen zeggen: “Wij hebben in elk geval ons uiterste best gedaan om deze zaak toch tot een goed einde te brengen”? Tegen het Nederlandse volk dat het OM vertegenwoordigt? Er zullen weinig Nederlanders zijn die vinden dat alle middelen geoorloofd zijn om de zaak Terrel uiteindelijk te winnen. Er zijn veel belangrijkere zaken waar het OM zijn tijd en aandacht aan kan besteden.
Het OM heeft bovendien in andere procedures al vermogensbestanddelen ontnomen of verbeurdverklaard die (mede) samenhingen met het verdwenen Heineken-losgeld, zoals de schikking die is getroffen met Sonja Holleeder, de schikking met de familie Endstra en de ontneming bij Jan-Dirk Paarlberg. Dat wekt de indruk van een verdienmodel. Hoe ik dat bedoel heb ik eerder uitgelegd in mijn blog ‘Heinekenlosgeld als verdienmodel’.
Familie Heineken
Of bedoelt Cnossen de familie Heineken aan wie het OM wil laten zien dat het zijn uiterste best heeft gedaan? Er zijn geen tekenen dat de familie de kwestie als afgedaan beschouwt. Wel opvallend is dat het mysterie rond de ongeveer 8 miljoen gulden aan losgeld dat nooit is teruggevonden ruim veertig jaar later nog steeds onderwerp is van onderzoek, publicaties en – opmerkelijk genoeg – van gerechtelijke procedures.
Hoewel er geen aanwijzingen zijn dat de familie invloed uitoefent op het OM, wijs ik haar erop dat – mocht zij daar toch een rol in spelen – ik niets met de ontvoering of de nasleep daarvan te maken heb gehad. Toen Freddie Heineken en zijn chauffeur werden ontvoerd, werkte ik voor Maurits ‘Zwarte Joop’ de Vries, een goede vriend van meneer Heineken.
Toen Rob Grifhorst, die bevriend bleek te zijn met een van de Heineken-ontvoerders, in 1992 met zijn beleggingsmaatschappij het Casa Rosso concern overnam van de Erven de Vries, werkte ik er nog steeds. Omdat ik verantwoordelijk was voor de financiële administratie heb ik onderzocht met welk geld de aankoop destijds is gefinancierd. De accountant en fiscalist van Grifhorst hebben mij uitgelegd hoe het vermogen van Beleggingsmaatschappij Brouwersgracht B.V. is ontstaan en daarna is opgebouwd. Ik ben ook geen vreemde of onduidelijke geldstromen tegengekomen in de accountantsrapporten van TRN en later Deloitte & Touche van vóór en ná de overname.
Vrijspraak na vrijspraak
Rechters hebben later geoordeeld dat ik geen panden op de Wallen heb witgewassen, niet van 1 januari 2002 tot en met 30 januari 2006, zoals in de strafzaak Kolbak ten laste was gelegd, en ook niet van 31 januari 2006 tot en met 23 juli 2023, zoals in Terrel ten laste werd gelegd. Tegen die laatste vrijspraak ging het OM in hoger beroep.
Voordat er een vierde vrijspraak kon volgen, verklaarde het hof het OM niet-ontvankelijk. Het had mij niet voor de tweede keer mogen vervolgen voor het beweerde witwassen van panden op de Wallen. Daar was in 2009 al over geoordeeld. Het hof achtte destijds niet bewezen dat de panden van afpersing noch van enig ander misdrijf afkomstig zijn. Die uitspraak is sinds 17 juli 2009 onherroepelijk nadat het OM afzag van cassatie.
Laatste gok
Na alweer een vrijspraak van de rechtbank in 2024 in de nieuw opgetuigde strafzaak en de daaropvolgende niet-ontvankelijkverklaring van het hof in mei van dit jaar, koos het OM ervoor om dit keer wél in cassatie te gaan.
Daarmee wordt niet alleen mijn rechtszekerheid opnieuw op de proef gesteld, maar dringt zich ook een principiële vraag op: hoeveel ruimte mag het OM zichzelf toe-eigenen om maar door te blijven procederen nadat rechters mij keer op keer hebben vrijgesproken.
Ik heb geen panden witgewassen. Hoeveel rechterlijke uitspraken zijn er nog nodig voordat het OM dat aanvaardt? Als zelfs strafrechtdeskundigen de kans op succes voor het OM gering achten, is de cassatiestap dan nog een rechtsmiddel of eerder een laatste gok?