Dikke Willem

Dikke WillemAls een advocaat van een van de verdachten verbalisant RN-03-049 niet had gevraagd om te getuigen over de verklaringen van Thomas van der Bijl, dan waren de geluidsopnamen van de gesprekken die Fred Teeven en twee rechercheurs van de Nationale Recherche voerden met Van der Bijl nooit boven water gekomen.

Verbalisant RN-03-049 erkende bij de raadsheercommissaris dat de gesprekken met Van der Bijl waren opgenomen. Dit was niet vermeld in de processen-verbaal van de verhoren. De Officieren van Justitie Koos Plooij en Fred Teeven hebben in de loop van de procedure alle gelegenheid gehad om de procesdeelnemers daarop te wijzen maar hebben dit bewust verzuimd. Teeven was immers zelf bij het opgenomen verhoor aanwezig en had de leiding.

Koos Plooij
Toen de andere advocaten de opmerkelijke getuigenis van verbalisant RN-03-049 onder ogen kregen wilden zij de audiobanden natuurlijk beluisteren. Aan de hand van de opnamen kon nu worden vastgesteld wat werkelijk door de gespreksdeelnemers was gezegd. Het Hof vond eveneens dat de gesprekken beluisterd moesten worden, en gaf hiertoe opdracht. De Advocaten-Generaal namen contact op met Koos Plooij om de luistersessies voor te bereiden, en op 27 januari jl. reageerde Plooij als volgt:

‘In verband met het beluisteren van audio opnames van verhoren van de getuige Thomas van der Bijl breng ik u het volgende ter kennis. Bij de voorbereiding voor a.s. woensdag 28 januari heeft een medewerker van de Nationale Recherche bemerkt dat van één verhoor de bandopname onhoorbaar is door overstemming door omgevingsgeluid, en dat van twee verhoren de versie op band uitgebreider is dan de versie op schrift; het gaat om de verhoren van 26 januari 2005 en van 14 maart 2005. Dit was mij niet bekend, door personele wisselingen in de loop der jaren is dit vermoedelijk ook niet eerder onderkend.’

De ‘onhoorbare’ opnamen betroffen het eerste gesprek met Van der Bijl dat zo’n 80 minuten duurde. Dat gesprek vond volgens de recherche plaats in de Zoete Inval op 18 januari 2005. Dat het niet meevalt om een eerste gesprek (goed) op te nemen zagen we eerder bij Endstra. Toen de opnamen werden afgespeeld klonken de stemmen inderdaad vervormd. Het gesprek was niet te verstaan, maar de muziek op de achtergrond (ik hoorde o.a. ‘Baker Street’ van Gerry Rafferty voorbijkomen) kwam daarentegen duidelijk en zuiver door.

Fred Teeven
Dat er een discrepantie is tussen de oorspronkelijke processen-verbaal en de letterlijk uitgesproken tekst komt doordat de stukken nooit waren bedoeld om te worden gebruikt in een tactisch dossier, legde Plooij uit. Na inmiddels twee luistersessies te hebben bijgewoond kan ik me dat goed voorstellen. Het gesprek van 26 januari 2005 heeft een hoog CIE-gehalte. Van een verhoor is nauwelijks sprake. De rechercheurs en Teeven zijn veel aan het woord, en Van der Bijl vertelt voornamelijk wat hij van anderen heeft gehoord. Hier en daar speculeert hij wat en adviseert hij hoe Willem Holleeder het beste te grazen kan worden genomen. “Natuurlijk moet je af en toe een beetje vies spelletje spelen”, horen we Van der Bijl zeggen. De rechercheurs zijn het roerend met hem eens.

De passage waarin over mij wordt gesproken heb ik gisteren kunnen beluisteren. Vraag en antwoord luiden letterlijk:

V: Maar die Marcel, die weet wel van de hoed en de rand want die zit natuurlijk eh…?
A: Nee, niet van de criminele eh… Dat weet ie niet.

Ondanks de sturende vraagstelling van de verbalisant verklaart Thomas dat ik niet van de criminele zaken van Holleeder afweet! Deze ontlastende uitspraak past duidelijk niet in het plaatje van de recherche, en dus gaat Teeven onmiddellijk over op een andere persoon waar hij het een en ander van wil weten;

V: Die Schipper, die ken je ook?
A: Die Herman Schipper?
V: Ja.
A: Die vertrouw ik niet. Ik weet het niet…
V: Wat is dat voor een man?

Zo passeren nog een aantal personen de revue. Ken je die? Wat vind je van hem? Waar woont hij? Met wie gaat hij om? Kennelijk zijn dat de W’s die Teeven bedoelt als hij spreekt over ‘goede’ politieverhoren.

Thomas kent veel mensen en heeft over iedereen een mening maar wat hij over hen vertelt, daar kan Teeven nog niet zoveel mee. ‘We gooien hem niet meteen in de prullenbak jouw verklaring. Hij gaat in de kluis. Dat wou ik even zeggen,’  aldus Teeven.

Teeven blijkt mevrouw Van der Bijl ook te kennen want hij vraagt Thomas de groeten over te brengen aan zijn vrouw (‘maar je moet niet zeggen dat ik het ben’). Daarmee eindigt Teevens deelname aan het gesprek.

Dikke Willem 
De twee verbalisanten praten nog even verder met Thomas.

V: We weten dat Keessie Houtman, die heb een maat, een zakenpartner en dat is Dikke Willem. Alleen weet ik niet wie Dikke Willem is. Weet jij wie dat is?
A: Dikke Willem ken ik niet. Of het is Peter. Dikke Peter noemen ze hem.

V: Nee, wij hebben info gehad dat ook Dikke Willem, een zakenpartner van Keessie Houtman, die heb ook 1 miljoen moeten betalen. Weet jij wie dat is?
A: Ik ken geen Willem.

Er wordt dan wat heen en weer gepraat over een timmerbedrijf waar misschien een Willem bij betrokken is. Houtman had iemand in vaste dienst die het timmerwerk voor hem deed. Zou dat misschien die Dikke Willem zijn? De verbalisanten worden er niet veel wijzer van beginnen opnieuw:

V: Ik begrijp bij god niet wie Willem dan is. Dikke Willem wordt er gezegd maar zou dat kunnen slaan op Peter?
A: Ja, dat is Kees en Peter samen (onverstaanbaar).

Thomas vertelt dat Houtman zijn huis te koop heeft staan bij Peter Petersen. Kees heeft ook nog een hotel in beheer, samen met een ander. Van der Bijl denkt na hoe die compagnon ook alweer heet. ‘O ja, André, die doet dat hotel bij de Amstel…’, roept hij als het hem te binnen schiet.

V: Maar die André, wie is dat?
A: André is een (onverstaanbaar).

V: Die is toevallig geen dikke kerel? Geen Dikke Willem? Zou dat zijn bijnaam kunnen zijn?
A: Nee.

Het gesprek gaat dan weer even over Holleeder maar niet lang daarna vraagt Thomas zich hardop af wie toch die Dikke Willem is waar de rechercheurs het steeds over hebben. ‘Ja. Ik weet het niet. Ik had gehoopt dat jij mij dat kon vertellen’, antwoordt een van hen.

V: Nou je ziet het. Wij weten ook niet alles, echt niet.
A: Dikke Willem. Ik ken geen Dikke Willem.

V: Nou misschien…
A: Nee, ik ken geen Dikke Willem.

V: Is er iemand anders die Willem wordt genoemd? Peter is vroeger ook heel dik geweest.
A: Ja ja ja.

V: Misschien bedoelen ze die wel.

De rechercheurs willen het gesprek afronden, maar Dikke Willem laat Thomas niet meer los.

V: We houden het hier even bij, we houden gewoon effe contact. Mocht je nog meer horen dan willen we dat graag weten. Stel dat je nog een voorbeeld naar boven weet te krijgen of mensen vertellen dat tegen je.
A: Ik zit te denken over Dikke Willem.

V: Ja, denk daar gewoon over na.
A: Ik zou niet weten wie Dikke Willem is.

V: Nee, wij dus ook niet. Stel dat je nog een keer van iemand anders hoort.
A: Dikke Peter, Dikke Peter, Dikke Peter….

V: Dat is Peter Petersen.
A: Kijk als je die Peter goed onder druk zet en hij dit en dat…

V: Er zijn meer mensen die wel eens wat vertellen en er zijn ook wel eens mensen die weten misschien niet meer zo goed de namen. Dat kan natuurlijk ook. Kijk, misschien is Dikke Willem, misschien bedoelen ze wel Dikke Peter. Dat kan ook best hoor. Dan wordt er gezegd: Dikke Willem…

0 Reacties…

  1. Keep it going Marcel.
    Leuker kun je het niet maken voor Teefje.
    Ik snap niet dat die man mag deelnemen als 2e kamerlid.
    Onbetrouwbaar, manipulatief en een machtswellustig individu.

  2. goed initiatief om processen toe te lichten op het web. De enige manier m.i.om een einde te maken aan manipilatieve praktijken in de rechtsgang, door politie en/of om en/of rechters en/of ambtenaren van andere instanties. Vooral nu dossiers vaker voor betrokkenen in strijd met procesrecht gesloten blijven en zelfs partijen soms niet door de rechter gehoord worden, zodat corrupte dienders dan valse dossiers kunnen laten vonnissen, zonder dat de inhoud door direct betrokken ooit is gezien. Tegen deze congsiestreken is openbaring op blogsites een gepaste reactie. Houd er wel rekening mee, dat sites zomaar kunnen crashen, dat openbare teksten extern veranderd (vervalst) kunnen worden en/misbruikt kunnen worden. Dus alles kopiëren op externe opslag.

  3. vervolg: … Alles liefst door meer personen laten kopiëren: als getuigen tegen externe manipulaties van blogteksten door onzichtbare maar wel steeds aanwezige websaboteurs.

    p.s. Mijn opgegeven email is nep om er door te komen-ik heb agv webterreur nu geen emailadres. Succes !-